In verband met vakantie zijn wij gesloten. Geplaatste bestellingen worden pas na 1 augustus 2018 verwerkt.

Tubulars zijn zó 2000?!

De titel is natuurlijk een beetje prikkelend bedoeld. Zoals vrijwel standaard in wielerland, lopen de meningen ook over het nut van tubulars sterk uiteen. Afhankelijk van eigen voorkeur en/of ervaringen. Maar met de huidige stand van zaken op het gebied van banden in clincher- en/of tubeless-uitvoering is het wel een gerechtvaardigde vraag. Als je op deze pagina bent beland, neem ik aan dat je de verschillen weet tussen tubulars (tubes) en clinchers, al dan niet tubeless, en dat wordt hier dan ook niet verder uitgelegd.

De Engelsen hebben trouwens een mooie naam voor tubulars dat ook meteen aangeeft waarmee we hier te maken hebben: “sew-ups”.


Waarom een band met veel “bloed, zweet en tranen” (en vaak met veel geduld!) op een velg lijmen? En als je dan onderweg lek rijdt, kost het soms nog veel meer “bloed, zweet en tranen” om die band er weer af te krijgen. Om over het repareren nog maar niet te praten. OK, met een plaklint is het wel wat makkelijker geworden. Maar de meeste tubes worden nog steeds met lijm op een velg geplakt. Bij de profs soms wel met 3 of 4 lagen lijm op de velg, verspreid over meerdere dagen! Er moeten dus redenen zijn dat tubes nog steeds populair zijn. En echt niet alleen bij de profs in het peloton.

Het is wel zo dat tubes vooral in gebruik zijn bij renners die wedstrijden rijden. En bij oud-renners die nog steeds zweren bij het speciale gevoel van de tubes. Dit geldt zowel bij het wielrennen, crossen en MTB-en. Banden voor de laatste twee sporten werken echter met een veel lagere bandendruk en daar is de tubeless setup al veel verder omarmd, zeker bij niet-wedstrijdrenners. Bij het wielrennen zijn de tubes nog steeds favoriet. Waarom eigenlijk nog?

Rolweerstand


Tien jaar geleden was men van mening dat je minimaal 10 bar in een smalle band (max 20mm!) moest hebben om snel te zijn. En dat kon alleen maar met de tubulars. Een clincher zou van de band afspringen, als de velgrand die druk überhaupt kon weerstaan. Tufo is trouwens een fabrikant die clinchers maakt die wel met die druk om kunnen gaan, de “tubular clincher”. Maar het is nu algemeen geaccepteerd dat bredere velgen en banden met minder druk gewoon beter rollen en meer comfort bieden, zeker de nieuwe tubeless banden. Ook de profs rijden tegenwoordig met veel minder druk in de tubes, zeker op de Europese (lees: Belgische) wegen. Vrijwel alle testen geven tegenwoordig aan dat tubeless en clinchers minder rolweerstand hebben dan tubes. Dus de rolweerstand kan niet (meer) de bepalende factor zijn.

Gewicht

Een groot voordeel, en misschien wel het belangrijkste voordeel, van tubes is het verminderde gewicht van de totale set met wielen en banden. De besparing zit vooral in de wielen. Doordat er geen stevige velgrand nodig, kan het wiel met veel minder materiaal gemaakt worden. In het algemeen is een wielset voor clinchers 10-15% zwaarder, een aanmerkelijk verschil. Meestal zijn de banden ook wat lichter, al is dat verschil met tubeless banden of clinchers met latex binnenbanden niet zo heel groot. Maar omdat het hier om de rollende massa gaat, geeft het totale gewichtsverlies een duidelijk merkbaar verschil.

Lekbestendigheid

Hoewel het tijdens een wielerwedstrijd op TV soms anders lijkt, is de kans op lekrijden met tubes veel kleiner. Door de opbouw van de band en velg is een stootlek (snake-bite) bijna niet mogelijk. Dit geldt natuurlijk ook voor een tubeless band, die ook nog eens in staat is om kleine lekken te dichten met de “sealant” in de band. Een tubular loopt bij een lek meestal heel langzaam leeg (de “leegloper”) en zelfs als de druk vrijwel verdwenen is, kun je nog redelijk veilig doorrijden. Er zijn zelfs wedstrijden gewonnen met een leegloper. Iets wat met een clincher niet aan te raden is omdat je dan vrijwel zeker de velg kapot gaat rijden.

Veiligheid

Hoewel het tegenwoordig bijna niet meer voorkomt, is de kans op een klapband door het langdurig remmen tijdens een lange afdaling in warm weer bij een clincher aanwezig. Door de opbouw van velg en het feit dat de binnenband geen rechtstreeks contact met de velg heeft, is dit bij een tubular vrijwel uitgesloten. Waar vroeger de lijm nog wel eens kon loslaten, komt dat met de kwaliteit van de huidige lijmen eigenlijk niet meer voor. En als het wel gebeurt, is het vaak te wijten aan het niet goed verlijmen van de band op de velg. Uiteraard speelt dit probleem niet bij een tubeless band, om nog maar te zwijgen over een fiets met schijfremmen!

Gevoel

Je merkt dat we nu al in de wat vagere voordelen komen. Maar het is wel een hele belangrijke. Iedereen die wel eens op tubes heeft gereden zal het beamen. Het speciale gevoel van grip en soepelheid in de bochten. Een clincher heeft dit veel minder doordat een groot deel van de band is “opgesloten” in de velgrand. Of eigenlijk moet ik zeggen, had. Want ook hier geldt weer dat de nieuwe bredere banden en vooral de bredere velgen voor een revolutie hebben gezorgd. De wangen (zijkanten van de band) van een clincher zijn bij sommige modellen bijna net zo soepel. Hier hebben de tubeless banden weer een nadeel omdat de wangen niet zo soepel kunnen zijn omdat ze vaak wat dikker zijn om de lucht vast te houden.

Conclusie

De ontwikkelingen van de banden voor de racefiets zijn de laatste jaren enorm geweest, vooral voor de (tubeless) clinchers. Voor de gemiddelde fietser is er eigenlijk geen reden om een overstap naar tubes te overwegen. Als je op hoger niveau fiets of gewoon het gewicht en gevoel van de tubes belangrijk vindt, is er ook geen reden om dit niet te doen.

Bij de acceptatie van nieuwe ontwikkelingen is het ook belangrijk wat de profs met die ontwikkelingen doen. Dat hebben we gezien bij het elektronisch schakelen en nu bij de introductie van schijfremmen. Het is niet altijd logisch te verklaren waarom dit proces soms zo lang duurt.

De belangrijkste reden is misschien wel dat de wielerwereld erg traditioneel is en niet snel overschakelt naar nieuwe technieken. Waarom zou je iets vervangen wat nog gewoon goed is? Het is nu 10 jaren(!) geleden dat Philippe Gilbert de “Omloop van het Volk” won op tubeless banden (Hutchinson Fusion 2) maar dat was niet het signaal voor de profs om de tubulars te gaan vervangen door tubeless banden.

Een van de nadelen van tubeless is het ontbreken aan een standaard voor wielen en banden. Mavic probeert daar nu verandering in aan te brengen met de “Road UST” (Universal Standard Tubeless). De vraag is echter of andere fabrikanten van wielen en banden meegaan in die standaard of vasthouden aan hun eigen oplossingen. Maar dat is misschien iets voor in een andere blog. Voorlopig rijdt ook in 2018 vrijwel het hele peloton op tubes. Dus waarom jij niet?!

Geef een reactie

Helaas, je moet ingelogd zijn om een reactie te geven.